Richting Mausoleum

<< De Joodse begraafplaats <<

Op het kruispunt naar het oostelijke en noordelijke gedeelte

Nog onder de indruk van deze plek verlaat ik dit joodse gedeelte en sla ik rechtsaf op de hoofdweg naar het Schoterweg gedeelte. Onderweg daarheen sta ik nog even stil bij een bijzonder grafmonument, dat is opgericht voor een bevlogen onderwijzer, Jan Sevenhuysen (link Esperanto wiki),.

Op een obelisk staan zijn vier idealen: opvoeding, Esperanto,geheelonthouding en vegetarisme. In de beschrijving bij de plattegrond lees ik dat dit monument is ontworpen door zijn zoon Augustus Sevenhuysen en dat het tijdens graafwerkzaamheden bij toeval is terug gevonden, nadat het ondergespit was omdat de grafrechten waren verlopen.

gallery schetsen

Aangekomen op een kruising van paden sta ik op het knooppunt van de geschiedenis van deze dodenakker . Want vanaf hier kun je de verschillende periodes en stijlen van de aanleg goed overzien.

Rechts aan de overkant van de vijver ligt het oudste gedeelte dat door Jan David Zocher jr. in 1828 werd ontworpen. Het afgesloten gedeelte dat tegenwoordig niet meer gebruikt wordt voor begrafenissen. Een graftuin in de Engelse landschapsstijl, dat wil zeggen een park met kronkelende paadjes, glooiingen en doorkijkjes. Het geheel werd aangevuld met een grote variatie aan bomen, struiken en planten. Dit alles om een bespiegelende en droefgeestige sfeer op te roepen. De waterpartijen gebruikte hij als een natuurlijke manier om de diverse gedeelten voor Protestanten, Katholieken en joden van elkaar te scheiden.


En recht voor mij de ligt uitbreiding naar het noorden. Een ontwerp uit 1872 van zijn zoon Louis Paul Zocher. In de vormgeving van deze uitbreiding volgde hij helemaal de Engelse Landschapsstijl en dat is duidelijk te zien aan de hoogte verschillen, de slingerpaden en de waterpartijen. In de geest van “de architectuur is het juweel op de natuur” had hij ook een grafkelder geprojecteerd als een decoratieve en optische afsluiting van deze noordelijke tuin- en waterpartijen. Dit onderdeel werd echter niet eerder uitgevoerd dan in 1893 naar een ontwerp van de gemeentearchitect Jacques Leijh. Dat is het gebouw dat ik nu recht voor mij zie liggen, maar daarover straks meer. Eerst nog mijn aandacht richten op het gedeelte achter mij waar duidelijk de geheel andere stijl van de derde uitbreiding te herkennen is.


De westelijke, die in 1916 naar een ontwerp van de tuinarchitect Leonard Anthony Springer werd uitgevoerd. Dit ontwerp heeft een heel ander karakter. Leonard Springer had een meer functionele  landschapopvatting. Naar zijn idee moest een begraafplaats rustig en duidelijk zijn, voornaam en praktisch. Dus hier geen slingerpaden, geen waterpartijen of grasvelden maar een zo economisch mogelijke grafindeling langs een symmetrisch stelsel van paden en geometrische figuren. Een eclectische mengvorm van de Barok. Heldere zichtassen en hele en halve cirkels die steeds uitkomen op de hoofdlaan. Die vormt de verbinding tussen dit nieuwe westelijke  gedeelte en het oude oostelijke gedeelte. De beplanting is ook volgens deze symmetrische gedachten aangelegd: de bomen en planten volgen strak de hoofdpaden.

Het gevarieerde beeld van het Schoter gedeelte is voor mij aanleiding om een paar schetsen te maken. Deze grote afwisseling van verschillende Esdoornsoorten, moerascipressen, notenbomen, ceders en groepjes hulstbomen en daartussen geplaatste grafstenen is een prachtig motief. De labyrinthische architectuur van concentrisch geplaatste zerken steekt als een gekarteld silhouet boven de hagen uit. Dit doet mij denken aan de etsen van Piranesi.

Graftekens & symbolen

Het is een onbedwingbare uitnodiging om rond te wandelen en te mijmeren bij die verschillende vormen en  symbolen.

>> Het Mausoleum >>